Jouw tuin in de sferen van beroemde tuinarchitect Piet Oudolf maken

01-07-2022

Jouw tuin in de sferen van beroemde tuinarchitect Piet Oudolf maken

Nederland is wereldwijd niet alleen bekend vanwege drop en hagelslag, maar ook vanwege haar beroemde landschapsarchitecten, zoals Piet Oudolf.

Zo rond de laatste eeuwwisseling kwam er in tuinontwerpen steeds meer aandacht voor de natuur en het verwerken daarvan in de tuin. De natuur werd een inspiratiebron. Het milieu werd iets om rekening mee te houden. Internationaal is deze tuinstijl inmiddels bekend als Dutch Wave. Eén van de bekendste ontwerpers in de Dutch Wave-stijl is ‘onze’ Piet Oudolf. Ja, het is een Nederlander, al zou je dat niet denken als je een Amerikaan of Brit zijn naam hoort uitspreken. Piets ontwerpen zijn wereldwijd bekend. Zo kent menigeen de High Line in New York. Dit is een park dat is aangelegd boven straatniveau op een kilometerslange oude spoorlijn. Wil je zijn werk in Nederland bezichtigen, neem dan eens een kijkje in het museum Voorlinden in Wassenaar, de tuin bij museum Singer Laren  of in de Vlinderhof in het Máximapark Utrecht.

Piet en zijn vrouw Anja wonen in het Gelderse Hummelo en ontvingen daar tot 2018 veel bezoekers in hun tuin tuin. Ook hadden ze een kwekerij, waar ze inmiddels mee gestopt zijn. Piet en zijn vrouw zijn namelijk op een leeftijd waarop veel mensen allang met pensioen zouden zijn.

Liatris spicata Rudbeckia fulgida

Wil je een echte Piet Oudolf-tuin, dan moet je uiteraard bij de beste man zelf zijn. Omdat hij nou eenmaal niet elk postzegeltuintje in Nederland kan ontwerpen, kun je ook alternatieven zoeken om je tuin toch wat in zijn sferen te brengen. Er zijn veel boeken geschreven over de aanpak van Piet Oudolf.

Heb je geen zin om een hele studie van je tuin te maken, dan volgen hier wat praktische tips:

  • zet vaste planten in de spotlights, want deze springen in Oudolfs ontwerpen het meest in het oog. Wat zijn vaste planten precies? Je kunt planten in heel veel categorieën indelen. Zo zijn er vaste planten, struiken (heesters), eenjarigen, tweejarigen, knollen en bollen. Zoals vaak in de natuur zijn de grenzen niet heel hard, maar is er een grijs gebied. Een struik kan worden gezien als vaste plant als deze winterhard is en jaar na jaar overleeft. Piet maakt echter vooral gebruik van het type vaste planten dat zich kenmerkt doordat ze in de winter bovengronds afsterven. De planten gaan niet dood maar beschermen zich zodoende tegen winterse koude omstandigheden. In het voorjaar komen ze opnieuw tot leven en maken vers nieuw blad en prachtige bloemen;
  • gebruik siergrassen, een type vaste planten die niet alleen worden geroemd om hun uiterlijk, maar ook om het geluid dat ze produceren als de wind er doorheen waait. Meer informatie kun je vinden in het artikel “Eindeloos veel siergrassen”. Ook is een kant-en-klaar siergraspakket ideaal als basis in je Piet Oudolf-tuin;
  • ga zuinig om met de snoeischaar. Veel mensen knippen vaste planten in het najaar af, omdat ze een nette tuin willen. Oudolf laat echter zien dat uitgebloeide bloemen prachtig zijn, er honderden verschillende tinten bruin zijn in de winter en dat dit alles prachtige wintersilhouetten oplevert. Pas in het voorjaar, als de planten weer aan een nieuw seizoen beginnen, ga je snoeien;
  • zorg voor een tuin die jaarrond interessant is, onder andere door de bloeiperiode van de beplanting te verspreiden;
  • combineer de vaste planten met sterke vormen. Dit doet Piet met name door hagen (strakke of juist losse hagen), knipvormen (topiary) en paden. Die onderdelen vormen de contouren van de tuin, waarbinnen de beplanting optimaal tot zijn recht komt;
  • kies bomen en heesters die goed bij vaste planten passen zoals vlinderstruik, kornoelje en pruikenboom;
  • gebruik veel herhaling, met name in grotere tuinen. Op bepaalde afstand van elkaar zet je een groep van dezelfde planten, zodat het oog rust krijgt;
  • maak een schilderij van je border door de plant- en bloemvormen perfect op elkaar af te stemmen.

Stachys byzantina Phlox paniculata

De plantvormen van de laatste bovengenoemde tip hebben extra uitleg nodig. Je hebt er misschien nog nooit op gelet, maar je kunt beplanting onderverdelen in de vorm (structuur) die ze hebben. Het is de vorm van de bloemen, vruchten en zaden, maar ook de vorm van hun bladeren en de bladtextuur. Tot slot kun je bij het combineren van planten rekening houden met kleur.

In beplanting kun je de volgende eigenschappen onderscheiden, met enkele ideeën voor welke planten je zou kunnen kiezen:

  • bladeren:
  • kleur:
  • warm: deze kleuren vestigen de aandacht op zichzelf. Het zijn rood- en oranjetinten.
  • koel: dit zijn kleuren blauw, paars en violet. Deze kleuren komen het mooist uit in het ochtend- of avondlicht.
  • zoet: dit zijn pastelkleuren, met name pastel-roze. Prachtig bij een grijze lucht.
  • donker: donkere versies van de gebruikelijke keuren trekken sterk de aandacht en zijn zeldzaam;
  • aards: dit zijn bruin- en oranjetinten. Veel van de planten die Piet Oudolf gebruikt krijgen aardse kleuren in het najaar, als ze wat verdord raken. Mits je ze dan niet snoeit!

Maak vooral een plantensamenstelling die jij mooi vindt, laat de keuze afhangen van jouw smaak. En experimenteer met je beplantingsplan. Een tuin is eigenlijk nooit af. Zelfs al tuinier je al je hele leven, toch kun je jaarlijks een plant verplanten omdat je hem mooier vindt op een andere plek, of zelf vervangen omdat hij is overleden of het absoluut niet naar zijn zin heeft op die plek.

Vergeet niet te genieten. Niet alleen van het uitdenken van je tuin, maar ook van het tuinieren zelf. Als je goed kijkt, zie je dat je tuin elke dag weer anders is!

Lianne Groeneveld